Statistieken

Artikelen bekeken hits
845565

Home

Bijzondere waarnemingen uit Nieuws uit het Noorden nr. 53

Terwijl ik dit schrijf hoor ik door het open raam een koekoek roepen en een grasmus zingen, er zijn beroerdere werkplekken denkbaar! Dit betekent ook dat het voorjaar in volle gang is, momenteel kom je buiten ogen en oren tekort.

Het is wederom een voorjaar vol extremen. In de eerste helft van april was het heerlijk warm weer, maar dat sloeg gaandeweg de maand radicaal om. Uiteindelijk was het door het beneden gemiddeld koude weer een laat voorjaar, wat zich uitte in trage grasgroei en laat in blad komende bomen en struiken. Het is bovendien een erg droog voorjaar, veel waterpartijen die het van neerslag moeten hebben zijn al grotendeels droog gevallen.

Voor veel soorten dagvlinders lijken de omstandigheden, onder andere dankzij het warmere weer in midden mei, gunstig te zijn geweest. Soorten als landkaartje en citroentje worden opvallend veel gemeld. Bijzonder voor de regio was een oranjetipje wat dagvlinderteller Sylvia Leentvaar aantrof aan de noordzijde van het Waardkanaal. In de verhoudingsgewijs kale en open Noordkop is dit nog steeds een erg schaarse soort. Ook de hier waargenomen argusvlinders en hooibeestjes zijn het vermelden waard. Grote delen van het landschap zijn inmiddels verstoken van deze, voorheen veel algemenere, dagvlindersoorten.

 

In het kader van broedvogelinventarisaties zijn een aantal vrijwilligers weer actief in terreinen van Landschap Noord-Holland. Zo telt Marten Blok ook dit jaar weer het Kruiszwin. De aantallen broedende steltlopers zijn hier, door een combinatie van vossen en verruiging, sterk afgenomen. Dat gemis wordt gelukkig deels goed gemaakt door een groeiende variatie aan zangvogels. Zo zitten er dit jaar territoria van sprinkhaanzanger, tuinfluiter, grasmus en veel rietzangers en kleine karekieten. Ook het voorkomen van waterral, ijsvogel en koekoek in het Kruiszwin is het vermelden waard.

Ondergetekende telt dit jaar de Kolk van Dussen op broedvogels. Op dik 40 hectare is hier door natuurontwikkeling, aanleg van droge en natte waterberging en gericht beheer een fraaie variatie aan verschillende types grasland, rietmoeras en open water ontstaan. Afgelopen winter is bovendien een gedeelte van de natte waterberging ontdaan van droog landriet en ruigte ten faveure van natte, kruidenrijke graslanden. De aantallen weidevogels stijgen hier de laatste jaren langzaam, met name kievit en tureluur doen het goed. In de natte waterberging bevindt zich bovendien een fraaie gemengde kolonie kokmeeuwen, visdieven en kluten. De lange lijst met aanwezige broedvogels omvat hier dit jaar verder onder meer slobeend, wintertaling, tafeleend, bruine kiekendief, waterral, kleine plevier, grutto, ijsvogel, oeverzwaluw, grauwe vliegenvanger, spotvogel en bosrietzanger. Let wel, zo’n tien jaar terug lagen hier intensief gebruikte akkers en weilanden waar vrijwel geen broedvogels zaten!

In de Noordduinen wordt de komende weken duidelijk hoe het broedseizoen van de tapuit dit jaar zal verlopen. Het aantal paren lijkt weer ongeveer gelijk aan voorgaande jaren, maar waar het natuurlijk allemaal om draait is hoeveel jongen deze vogels groot weten te brengen. Er zijn, ondanks het aanbrengen van gaas rond nestholtes, toch al weer een aantal nesten en broedende vrouwtjes gepredeerd. Hopelijk weten de wel succesvolle paren veel jongen groot te krijgen en proberen de paren die vroeg in het voorjaar hun broedsel verloren hebben zien gaan het nog eens opnieuw.

Een soort die het de laatste jaren goed doet in de duinen is de boomleeuwerik.

Dit jaar is er voor het eerst succesvol gebroed in het Botgat, een deel van het duin wat er voor boomleeuweriken op het eerste gezicht niet heel geschikt bij ligt. Ook in de Grafelijkheidsduinen en het PWN-duin is de soort weer aanwezig.

Ook dit voorjaar wisten een aantal zeldzame vogelsoorten op doortrek onze terreinen weer te vinden. Ze zeggen niet zoveel over de kwaliteit of het beheer van een natuurterrein, maar zijn wel een aangename verrassing voor diegene die er tegenaan loopt. Je hartslag gaat toch altijd weer een stukje omhoog als je iets ongebruikelijks in het kijkerbeeld krijgt!

Zwarte ibis Foto: Roelf Hovinga

Hoogtepunten waren wel het mannetje rode rotslijster in de duinen bij Falga, een fraaie zomerkleed zwarte ibis in waterberging Opperdoes, een langdurig zingende cetti’s zanger in Mariëndal en een lichte fase dwergarend boven de Weelpolder.

Cetti zanger Foto: Gerrit Welgraven

De boommarter is na recente kolonisatie een vaste gast geworden in de Noordkop. Wie had dat enkele jaren terug durven voorspellen? Vrijwilliger Gerrie Stam volgt het doen en laten van de dieren intensief en heeft dit jaar onder andere een nestholte met jongen gevonden. De exacte locaties houden we graag stil om al te veel goedbedoelde belangstelling te voorkomen. Zich voortplantende zoogdieren of kwetsbare broedvogels hangen we als terreinbeheerder vaak niet aan de grote klok om massale toeloop en verstoring te voorkomen. Bij zeldzame doortrekkende vogelsoorten ligt dat minder gevoelig, mits de vogel in kwestie zich bevindt in een terrein wat vanaf opengestelde paden te overzien is.

Op Balgzand lijkt het een slecht broedseizoen te worden voor de meeste soorten. Met name de aanwezigheid van vossen is daar debet aan. De lepelaars zijn vertrokken en ook de meeste storm- en kokmeeuwen, visdieven, scholeksters en kluten hebben letterlijk en figuurlijk eieren voor hun geld gekozen. De mogelijkheden om vossen te bejagen, zowel vanuit het oogpunt van broedvogels als dijkveiligheid, zijn inmiddels verruimd, maar voor de aanwezige broedvogels is dat duidelijk te laat in het seizoen geweest.

Een bezoek aan de Razende Bol op 27 mei maakte duidelijk dat er dit jaar weer een kolonie dwergsterns aanwezig is. Minimaal 12 vogels zaten al op een nest met eieren. Gezien de aantallen vogels die nog aan het baltsen en uitrusten waren langs de vloedlijn even verderop zou het aantal paartjes de komende tijd nog wel eens kunnen stijgen. De komende tijd zullen we op dagen dat het qua recreatie druk kan worden aanwezig zijn om verstoring door wandelaars te voorkomen. Op deze dag viel verder op dat op de noordwesthoek wat met helm en zeeraket begroeide kopjes op de zandplaat aanwezig waren, dit ondanks een voorjaar met weinig neerslag. Aan andere broedvogels was het rustig, alleen een vijftal paren scholekster bevolkte de Bol.

Qua weidevogels is het nog niet helemaal duidelijk of het een goed of slecht jaar wordt. In de Westfriese reservaten lagen de aantallen broedparen veelal weer op het recent gebruikelijke, hoge niveau. Tekenend is bijvoorbeeld Polder Berkmeer, waar op 18 hectare maar liefst 70 paartjes grutto werden geteld. Dit is enerzijds een compliment voor het uitgezette beheer in ons reservaat, maar maakt de vogels anderzijds ook extra kwetsbaar. Mocht een grondpredator de loop krijgen op deze twee weilandjes dan kan er in korte tijd veel verloren gaan. Het geeft bovendien aan hoe ongeschikt de vogels de omliggende honderden hectares gangbaar boerengrasland vinden die er omheen liggen.